Inloggen

. . . Tuin-huisje . . . Zooeasy . . . Quiko . . . Giantel . . . Bird shop . . . EdiaLux . . . J & J . . . Easyyem . . . Heesakkers . . . Vogelvreugd . . . Elector . . . Vaesen . . . Comed . . . Kweekkooi.be . . . kaf o matic . . . Witte Molen . . .

Cursus deel 7 : De Blauwfactor.

  1. DE KLASSIEKE BLAUWFACTOR.           Deel 7. 

Deze factor, ook wel citroenfactor of “optische factor” geheten of kortweg “blauwstructuur”, veroorzaakt met name een “structuurverandering” : de baarden van de veer, met name de bewolkte zone, zou hierbij een grote rol spelen !

 Deel  7 blauwfactor

 Figuur 8b


De dikte en de inhoud, dus de structuur van deze bewolkte zone zou door de klassieke blauwfactor zo veranderen, dat hoofdzakelijk de blauwe lichtstralen uit het lichtspectrum erin opgevangen en gediffuseerd (verspreid) worden. Zoals U nog wel weet uit de fysika is het licht dat we kleurloos zien, samengesteld uit alle kleuren die er zijn en die we via een prisma zichtbaar kunnen maken.
We kunnen het zo stellen dat die bewolkte zone door haar dikte in nannometer (10­- meter) is afgestemd op de golflengte van blauw licht ook in nannometer. De vauoles of optische holten zorgen voor diffusie van deze blauwe lichtstralen zodat uiteindelijk in de bovenste bewolkte zone een blauwe waas ontstaat. In de naar-ons-oog-toe-teruggekaatste lichtbundel zien we nu de blauwe kleur als het ware versterkt.

Vergelijking met de opaalfactor : 

Door de niet-gemelaniseerde kern bij vogels met een klassieke bevedering (waaronder ook deze met klassieke blauwfactor) is het spiegeleffect hier veel kleiner dan bij de opalen waar ten eerste de kern sterk is gemelaniseerd, zodat de speigelwerking in combinatie met de bewolkte zone en de vacuoles veel krachtiger zal worden teruggekaatst naar ons oog toe. En ten tweede bevat de cortex bij opalen zeer weinig donkere kleurstof zodat die blauwe schijn er nog duidelijker zal doorheen komen. Hiermede kunnen we stellend at de klassieke blauwfactor slecht een heel zwakke blauwstructuur bezit t.o.v. de opalen. , theoretisch ongeveer 10 x minder. De opaalfactor wordt de niet-klassieke blauwfactor genoemd ! 

Bij vetstofkleurige vogels zal de inwerking van de blauwfactor een veel minder zichtbaar effect opwekken dan bij gemelaniseerden, omdat hun kleurbepalende baarden ervan donkere melanisatie bezitten, zodat het terugkaatsend vermogen veel kleiner zal zijn. Het is hier uitsluitend de aanwezige vetstofkleur in de cortex der baarden die de zwakke groenblauwe waas zal beïnvloeden. 

1e effect : 

De blauwfactor veroorzaakt een blauw-groenachtige blinkende waas in de bevedering van elke gele kanarie, sterk bij gemelaniseerden en zwakker bij niet-gemelaniseerden. Een gele kanarie wordt dus citroengeel, een groen wordt slecht echt groen als hij in het bezit is van een sterke blauwfactor !

Bij schimmelvogels heeft de citroenfactor op de kleurloze witte baardtoppen, die overdekkend werken, minder vat. Alleen op intensievere plaatsen kan hij zichtbaar zijn. 

2e effect : 

De klassieke blauwfactor verdringt de bruine phaeomelanine en zet ze om in eumelanne, m.a.w. het omliggende bruin verdwijnt en de zwarte of bruine tekening verdonkert.

- Bij isabel en bruin wordt ze harder bruin (grijzer)

- Bij agaat- en zwartreeks wordt ze zwarter.  

Opmerking :

De omzetting van phaeomelanine naar eumelanine geschiedt tijdens het ruiproces, waarschijnlijk langs hormonale weg. Jonge blauwe, groen en bronzen kanaries bezit en voor de jeugdrui veel bruin. Er na is dit bruin geheel of gedeeltelijk verdwenen en omgezet in tekening. Het bruinbezit in de grote veren verdwijnt slechts na de eerste grote rui !De klassieke blauwfactor is ook geen mutatie, zoals b.v. de eerste reductiefactor of de satinetfactor of de pastelfactor dit wel zijn. Hij kan hoogstens alleen de keur van de tekening en haar omgeving beïnvloeden. Maar de kleurslag van de vogel zelf wordt er niet door veranderd ! 

Effecten van blauwfactor op de klassieke melanie reeksen.

 

  1. 1. De zwartreeks : Om deze vogels zo donker mogelijk te maken moet de blauwstructuur     aanwezig zijn.

 

Bij de zwart wit :   B+             zwart wit schimmel B+       zwart wit intensief B

                            B+                                             B                                     

 

Bij de zwart geel   B+             zwart geel schimmel B+   zwart geel intensief B

                                     B+                                                                   B                                  B

 

 geen blauwfactor                   enkelvoudige factor                 dubbele factor

 

  1. 2. De agaatreeks :

 

  1. 3. De isabelreeks : In tegenstelling tot wat velen denken, is ook hier doorgaans een klein  blauwfactor gewenst, ook weer net genoemd om het overgebleven bruin weg te werken en de gereduceerde tekening iets te accenturen !
  2. 4. De bruinreeks :   Hier heeft het weinig zin om de blauwfactor in te voeren. Hij vormt een vloek voor bruin. Een mooie warm-bruine kleur wordt onder invloed van de optische factor harder en grijzer ! 

Op gemelaniseerden met witte ondergrond uit de citroenfactor zich als een grijsblauw blinkende schijn.Op witte kleurkanaries heeft die factor weinig vat. Hij maakt het wit hoogstens iets harder van tint.Rode kanaries worden doorgaans paarser. 

Verervingsvorm en formules. 

Zou onafhankelijk en intermediair dominant vererven en kan zowel bij man als bij pop in alle gradaties tussen 0 en 99 % voorkomen.

B   = door klassiek blauwfactor veranderd totaal melanine bezit.

B+ = totaal melanine bezit zonder de klassiek blauwfactor. 

B+ = geen werking, de vogel vertoont veel bruin.

B+

 

B+ = enkelvoudige werking, de vogel vertoont minder bruin, de tekening wordt donkerder en de

B   =     bevedering gaat meer blinken. Er is dus reeds een duidelijke omzetting van bruin naar zwart 

B   = dubbele factorwerking, mooiste groenen en blauwen, waaruit het meeste phaeobruin is

verdwenen. De vogels zijn op het donkerst ! 

Eindbeschouwing. 

De klassieke blauwfactor is en blijft een moeilijk te begrijpen duistere eigenschap, waarover in onze liefhebberij reeds veel is te doen geweest … en nog zal te doen zijn !Zo werd er o.a. onlangs nog in het Nederlandse maandblad “Onze Vogels” een nieuwe modernere theorie gepubliceerd. Men verwerpt er onze stelling als dat de blauwe schijn, de blauwfactor eigen, zijn oorsprong zou vinden in een lichtweerkaatsing op de met lucht gevulde holtes (vacuoles) in de bewolkte zones der contourveer baarden.Volgens hen zouden vogels met een sterke blauwstructuur zelfs helemaal geen bewolkte zones, dus ook geen vacuoles, bezitten !De blauwfactor eigenschappen zou eerder zijn oorsprong vinden in het feit dat de baardtoppen der contourveren bij deze vogels een gekeratiniseerde, plastiekachtige bekleding zouden bezitten die op een donkere achtergrond en in combinatie met het invallende licht, een groenblauwe schijn opwekken.Welke stelling nu uiteindelijk wetenschappelijk als de meest juiste mag aanzien worden, maakt voor ons liefhebbers weinig uit. In beide gevallen blijft het resultaat hetzelfde en dat is het voornaamste ! 

De juiste Verervings vorm van de klassieke blauwfactor blijkt ook twijfelachtig.Wat we hierover hebben gezien is zowat de versie zoals ze in de meeste werken voorkomt o.a. ook in het boek van wijlen Dhr. Veerkamp. Men stelt er o.a. dat de klassieke blauwfactor B, met zijn onafhankelijke Verervings vorm, de mutant zou zijn van de bruine phaeomelaninen B+, die dan dus ook onafhankelijk zou moeten vererven. Daar waar altijd is gesteld en ook meermaals praktisch is bewezen dat beide melanine-soorten (eu en phaeo) geschlachtsgebonden vererven. Van een controverse gesproken !Ons lijkt het veel eenvoudiger om gewoon B+ voor te stellen als het totaal melanine bezit (eu en Phaeo van de vogel naar wildvorm (dus zonder blauwstructuur) en B als het door de klassieke blauwfactor veranderd totaal melanine bezit. (Phaeomelanine bezit vermindert, eumelanine bezit vermeerdert) B+ en B vererven onafhankelijk intermediair. Intermediair omdat het praktisch is bewezen dat de jongen komende uit een paring van een partner met blauwfactor met een partner zonder blauwfactor, allen een +/- intermediaire blauwstructuur-tussenvorm zullen verkrijgen

. . . Tuin-huisje . . . Zooeasy . . . Quiko . . . Giantel . . . Bird shop . . . EdiaLux . . . J & J . . . Easyyem . . . Heesakkers . . . Vogelvreugd . . . Elector . . . Vaesen . . . Comed . . . Kweekkooi.be . . . kaf o matic . . . Witte Molen . . .